leerlingvolgsysteem

Het leerlingvolgsysteem (LVS) is een hulpmiddel voor leerkrachten bij het vaststellen of signaleren van mogelijke leer- of sociaal-emotionele problemen. Een gericht gebruik ervan stelt de groepsleerkrachten in staat deze problemen preventief aan te pakken.

 

Cognitieve vorderingen
Met grote regelmaat worden de cognitieve vorderingen van de leerlingen geregistreerd. Dat gebeurt aan de hand van observatielijsten en het beoordelen van het eigen werk van de leerlingen. Deze beoordelingen zijn methode- en leerkrachtgebonden. Omdat ook behoefte is aan een landelijk genormeerde “meetlat” is in 1996 het CITO-leerlingvolgsysteem op onze school ge├»ntroduceerd. De methode onafhankelijke toetsen van CITO leveren aanvullende gegevens over de leervorderingen van leerlingen van groep 1 t/m 8.

 

Sociaal-emotionele ontwikkeling
Het volgen van de sociaal-emotionele ontwikkeling van een kind, wordt gedaan met het observatie programma ZIEN. Om de veiligheid voor de kinderen te waarborgen, hanteert de NBS een Pestprotocol opgesteld naar inzichten van Bob van der Meer (APS). Door het vaststellen en streng naleven van omgangsregels wil de NBS een sociaal klimaat garanderen waarin veiligheid en respect voor elkaar vanzelfsprekend zijn. Leerkrachten, ouders en kinderen zullen zich moeten inzetten deze doelstelling daadwerkelijk te verwezenlijken.

Onafhankelijke toetsen
De toetsen die, naast de methode-afhankelijketoetsen, in de loop van het schooljaar worden afgenomen zijn:

 

  • Kleuterobservatie KIJK (groep 1-2)
  • CITO Taal voor Kleuters (groep 1-2)
  • CITO Rekenen voor Kleuters (groep 1-2)
  • Sociaal Emotionele Observatie ZIEN (groep 3-8)
  • Drie Minuten Toets (technisch lezen op woordniveau) (groep 3-8)
  • AVI- toets (groep 3-8)
  • CITO Begrijpend Lezen (groep 4-8)
  • CITO Spelling (groep 3-8)
  • CITO Werkwoordspelling (groep 7-8)
  • CITO Rekenen en Wiskunde (groep 3-8)
  • CITO┬áStudievaardigheden (groep 5-8)
  • CITO Woordenschat (groep 3-8)
  • CITO Eindtoets PO (groep 8)

 

Soms kan het gebeuren dat er verschil zit in de resultaten die het kind haalt op de methodegebondentoetsen en de toetsen uit het LVS. Een mogelijke reden hiervoor kan zijn dat de toetsen van CITO algemene toetsen zijn, die geen rekening houden met de lesmethoden die de school gebruikt.

 

Het kan zijn dat het CITO iets toets dat nog niet in onze methode aan bod is geweest. Dit kan een vertekend beeld geven, maar hoeft niet altijd een reden tot zorg te zijn. De leerkracht kan in dergelijke gevallen aangeven of er reden is tot zorg of dat er sprake is van discrepantie tussen de methodeonafhankelijke toets en de methodegebonden toets.